Stichting Oud Stompwijk op de Landlevenfair

De Landlevenfair werd voor de 4e keer georganiseerd op de zaterdag van de Stompwijkse Paardendagen. Stichting Oud Stompwijk was voor de derde maal aanwezig.

De week voorafgaand aan de fair is er druk gewerkt om een aantal nieuwe foto’s te kunnen laten zien. Deze keer wilden wij in hartvorm de liefde voor mens, paard, kermis en feest benadrukken.

De basis harten heeft Truus geregeld, de teksten zijn door Ria erop gezet, met elkaar zijn de foto’s uitgezocht en opgehangen en zowaar 3 grote schermen vol met ontroerende, grappige, liefdevolle, ontdeugende, actieve foto’s.

Het beloofde een warm weekend te worden en op zaterdag was het ook behoorlijk heet , maar gelukkig wisten heel veel mensen het terrein te vinden en zodra we bezig waren met het inrichten van de stand stond men al nieuwsgierig te kijken. Vanaf twee uur ging het officieel van start en we hebben het eigenlijk niet meer rustig gehad. Heel veel leuke reacties, mensen herkenden zichzelf of een familielid. Een knappe dame waarvan wij nog geen naam wisten werd zeer waarschijnlijk herkend door haar zoon, er wordt nog nader onderzoek gedaan d.m.v. andere foto’s die in zijn bezit zijn. We hebben ook nog wat zaken gedaan, een aantal nieuwe leden hebben zich aangemeldt , een aantal inhaal pakketjes van Stompwicc zijn er verkocht en de film over Stompwijk ging ook een keer over de plank. Er zijn wat verhalen toegezegd, iemand heeft zich aangemeldt als vrijwilliger.

Al met al een bijzonder vermoeiende maar leuke dag, de naamsbekendheid wordt steeds groter en we merken dat er veel interesse is bij de Stompwijkers. Dat zorgt er ook voor dat wij met deze relatief kleine groep mensen, met veel enthousiasme proberen zoveel mogelijk foto’s en verhalen te bewaren voor de toekomst. Het gaat misschien niet zo snel als we dat zouden willen, maar we willen het zo goed mogelijk doen. Hebben jullie een verhaal of foto die jullie met de rest van Stompwijk willen delen, neem dan contact met ons op (redactie@oudstompwijk.nl).Voor de paardendagen van volgend jaar zijn wij op zoek naar de kermisfoto’s die altijd gemaakt werden voordat je het veld opliep. Of een andere kermisfoto natuurlijk, alles is welkom !

Hopelijk heeft iedereen een paar fijne dagen gehad, geniet van een zonnige vakantie en duik na de vakantie eens de zolder op of de kast in op zoek naar oude foto’s !

Maandag wasdag

Voor de tijd van wasmachines en goedkope kleding, werd natuurlijk ook tijd gestoken in het reinigen van gedragen kleding. Veel tijd! En meestal één keer per week, op maandag. Met een beetje goede wil en goed weer kon dan het nakomende weekend weer schone, nette kleding worden aangetrokken. De vrouw des huizes was verantwoordelijk en natuurlijk betekende dat keihard werken, want in oude tijden werd natuurlijk met de hand gewassen in teilen en emmers, met wasborden, ieder kledingstuk opgehangen aan de waslijn, er werd gesteven en gestreken. De lakens gingen op de bleek (en dan maar hopen dat er geen grote zwermen vogels over heen vlogen of er zelfs op landden).

Voor de extra smerige was werd gekozen voor de kookwas. Deze spullen werden letterlijk gekookt in een grote wasketel, wat groene zeep of zo erbij en dan even laten borrelen in dat hete water. Maar hoe ging dat in oude tijden? In een tijd vóór geisers en boilers! Wel, uit eigen waarneming, er werd een grote ketel met regenwater gevuld en vervolgens met hout en ander brandbaar materiaal werd dat water aan de kook gebracht. Dat regenwater werd uit een regenput gehaald, bij schrijver dezes werd die regenput gedeeld met de buren.

Die wasketels, vaak te vinden in achterhuizen en schuren, waren uiteraard van ijzer, ik meen zelfs gietijzer, maar ik kan me vergissen. En zij werden geplaatst in een soort oven, heel in de verte een beetje te vergelijken met een bakkersoven. De oven was gemetseld en soms zelfs voorzien van een schoorsteen of afvoerpijp. Helaas zijn die wasfornuizen, toen wasmachines gemeengoed werden, vaak gesloopt. Gelukkig heeft Oud Stompwijk er nog eentje kunnen vinden. Zie hier de wasketel van weleer, maar zeker weten niet meer in gebruik. Met dank aan de fam. Vollebregt!

 

De inwijding van pater Juffermans

Velen onder u weten dat in 1944 ter ere van het priesterfeest van Van Noort het toneelstuk “De geheimen van de heilige mis” werd opgevoerd. Diverse foto’s van dit evenement hebben al aandacht gekregen. Bekend is ook dat Dr. Perquin als amateurfilmer de opvoering heeft gefilmd. Op een ander moment en misschien een andere plaats komen we hier nog op terug. Om toch alvast maar eens iets te noemen, bijna alle deelnemers aan dit stuk zijn op een grote overzichts foto gezet en van bijna alle deelnemers hebben we nu ook de namen.

Minder bekend is dat in hetzelfde jaar ook de priesterwijding van pater Juffermans is gefilmd. En ook deze film is bewaard gebleven. De kwaliteit is niet altijd geweldig te noemen, maar voor ingewijden valt er veel te herkennen. Prachtig is bijvoorbeeld de scene van de optocht van de bruidjes, jonge meisjes die in fraaie jurken de neomist verwelkomden. Ook deze film verdient meer aandacht en zal die ook zeker krijgen. Maar wie ook oog heeft voor, laten we zeggen, de achtergrond ziet soms verrassende zaken. Zo viel ons oog op een constructie die we toch wel mogen kenschetsen als een bunker. Logisch, het was oorlog, maar zie de afbeelding en de groene pijl.

 

De vraag is: “waren er nog meer constructies aangelegd door de Duitsers, of aangelegd in hun opdracht, bedoeld voor oorlogsvoering?” Anders gezegd waren er nog meer bunkers? Luchtafweergeschut? Uitkijktorens (zoals die aan de Westeindseweg in Zoeterwoude en tegenwoordig vrijwel helemaal afgebroken)? Wie daar iets over te melden heeft, kan terecht in ‘Laat een reactie achter’ te vinden links van dit bericht, bovenaan.

Het fotoalbum van Rika Kromhout

Al eerder heb ik het gehad over een foto die was opgedoken in een artikel in Impressie. Impressie is een blad dat wordt uitgegeven door het KDC, Het Katholiek Documentatie Centrum. In aflevering 20 uit 2017 wordt op blz. 34 een stel foto’s getoond waar veelal vragen bij staan met betrekking tot wie er op de foto staan. Één van de foto’s komt uit de nalatenschap van Jacobus Kromhout een broer van Rika Kromhout, één van de huishoudsters van pastoor Sistermans. Hierbij de desbetreffende foto uit de publicatie. Als u weet wat er nu eigenlijk wordt bedoeld met de poppen in de armen van de dames? Wij houden ons aanbevolen…

De heer Kromhout heeft een fotoalbum nagelaten dat voor een flink deel is gevuld met foto’s van zijn zus, pastoor Sistermans (1891-1959) en diverse personen uit zijn parochie, Stompwijk. Rika werd overigens Kira genoemd, omdat haar collega huishoudster Rita heette. Men verhaspelde haar voornaam dus enigszins om haar beter te onderscheiden van die collega.

Omdat de StOS uiteraard belangstelling had voor het hele album is er contact gezocht met het Documentatiecentrum. Dat contact heeft er uiteindelijk toe geleid dat wij van iedere foto in het album -66 in totaal- een hoogwaardige scan mochten ontvangen. Veel van de foto’s zijn ook van elders bekend. Zo zijn vele foto’s gemaakt tijdens de opvoering van het stuk “De geheimen van de heilige mis”, foto’s die vaak in andere albums een plek hebben gekregen. Gelukkig zijn er ook foto’s die niet bekend zijn. Zo bijvoorbeeld ook de onderstaande.

Toneel in Stompwijk

In de jaren 1944, 1945 en 1946 werden in Stompwijk drie verschillende opvoeringen gegeven. Voor de eerste, in 1944, “De geheimen van de heilige mis”, was er een duidelijke aanleiding namelijk het zestigjarig priesterjubileum van Dr. G. van Noort. Van Noort zit hier derde van links op de voorste rij met het boekje met de voorgedragen tekst in zijn hand.

Het is dat boekje waar ik het hier over wil hebben. Dat boekje geeft namelijk een heleboel informatie over het stuk en niet alleen de tekst die werd voorgedragen. Wat te denken van de aanwijzing op blz. 4 voor het Koor der onwetenden: “Dan, links, komt het koor der ontwetenden binnen begeleid door de onwetenheid-met-geblinddoekte oogen. Zij naderen tastende, een keten vormende, als de blinden van Breughel, een bochtigen weg makende”. En op blz. 35 “Twee engelen brengen de kelk en de Hostie, een derde het water”.

Behalve het leren van de teksten, het bouwen van het uitgebreide decor en het repeteren, waren er natuurlijk ook nog een hele reeks obstakels te overwinnen, die niet direct op het stuk zijn terug te voeren. Wat te denken van toestemming van de bezetter. Een plaats waar honderden mensen bijeen kwamen was altijd iets waar de bezetters huiverig voor waren, bovendien was de invasie net begonnen en stonden de geallieerden al in België. Het is dan ook eigenlijk een wonder dat de opvoering doorgang mocht vinden. Maar ook moest er volgens de letter van het boekje ook het nodige worden geregeld met ‘rechthebbenden’. Op blz. 2, zie hieronder staan de opvoeringsvoorwaarden. In de eerste alinea: “Voor opvoeringen van dit werk in Nederland behoort door amateurs-vereenigingen minstens vier dagen vóór elke opvoering gestort te zijn voor iedere opvoering een auteursrecht van fl. 10,–“. De vraag is of gezien de oorlogsomstandigheden men zich in Stompwijk hier druk over maakte?

Is er van het stuk “De geheimen van de heilige mis” het nodige bekend, foto’s, een film en de tekst, minder weten wij over de stukken die in 1945 en in 1946 zijn opgevoerd. Daarover later meer.