Johannis Baptista Canters

Op 17 juni 1873 vierde pastoor Canters zijn vijf en twintigjarig priesterschap. In mei 1870 werd Canters benoemd tot pastoor in Stompwijk. In maart 1873 werd de kerk ingezegend en een paar maanden vierde Canters zijn jubileum.

Bij of wellicht vlak na de feestelijkheden verspreidde pastoor Canters een gedachtenisplaatje bestemd voor alle parochieleden. Ter herinnering en als dank voor het geschenk.

“Aan alle Gemeentenaren, die hebben bijgedragen voor het nieuwe Hoofd-altaar, bij bovengenoemde gelegenheid door de Gemeente aan haren Herder aangeboden”.

Canters overleed in januari 1884.

Gedachtenis plaatjes verwijzen vaak naar gebeurtenissen in het leven van religieuze leiders, variërende van net ingetredenen tot pausen. Maar even zo vaak werden dergelijke plaatjes aangeboden om te fungeren als ondersteuning voor ‘de missie’ en ter bekostiging van de  opleiding voor onbemiddelde seminaristen. Ik stel mij zo voor dat dergelijke plaatjes dan ook moesten worden betaald met een luttel bedrag.

Alleen in Stompwijk moeten er duizenden in omloop zijn geweest.

13 juni 1970.

Bij vele Stompwijkers roept het noemen van deze datum een stortvloed van fijne herinneringen op! Op die dag organiseerde Gyversto een voetbalwedstrijd tussen de Nederlandse Kernschaatsers en een Stompwijks team. Daarna schoof ieder aan bij een ongetwijfeld gezellige koffietafel.

De op de voorkant geschreven aantekening had naar alle waarschijnlijkheid betrekking op de wereldkampioenschap schaatsen een jaar later. Heeft dus niets te maken met de voetbalwedstrijd.

Wie weet nog waar deze koffietafel werd gehouden? Wie heeft er misschien nog meer herinneringen aan, behalve de plaats. En voor diegenen die nog niet weten voor wie Gyversto dit alles organiseerde. Ik noem de volgende namen: Ard Schenk, Kees Verkerk en nog een negental anderen. U ziet het precies 11 personen en dat betekent dat die bikkels dus zonder reservespelers acte de presence gaven. Als het goed is kunt u klikken op de onderstaande afbeelding en verschijnt vervolgens een grote weergave.

 

Een mooi document, een tragische gebeurtenis.

Bij het werken aan de nieuwe database voor bidprentjes in de webomgeving van Stichting Oud Stompwijk kwam ik de volgende tekst tegen. Zeer waarschijnlijk betreft het hier geen bidprentje maar een zogenaamd gedachtenisplaatje. Het sterfgeval betreft hier Cok Romijn die op 5 september 1944 werd geëxecuteerd door de Duitse bezetter. Diezelfde bezetter zou beslist bezwaar hebben gemaakt tegen de tekst en al helemaal met de voorkant van het plaatje.

Op 5 en 6 september 1944 vermoedde een groot deel van de Nederlandse bevolking dat het snel gedaan zou zijn met de bezetting en dat de oorlog snel zou eindigen. Velen staken zich in hun beste kleren, hesen de Nederlandsche vlag en liepen met oranje kenmerken -linten, rozetten- op hun kleding op straat. De Duitsers, die niet in paniek waren geraakt, pikten dit niet en pakten feestvierders op. Een deel daarvan werd zeg maar standrechtelijk geëxecuteerd. Zo ook Cok Romijn.

Vermoedelijk na de oorlog werd -door famile waarschijnlijk- een gedachtenisplaatje verspreid. De tekst op het plaatje:

De voorkant van het plaatje.

 

Een mooi document, een tragische gebeurtenis. Inderdaad.

Stichting Oud Stompwijk op de Landlevenfair

De Landlevenfair werd voor de 4e keer georganiseerd op de zaterdag van de Stompwijkse Paardendagen. Stichting Oud Stompwijk was voor de derde maal aanwezig.

De week voorafgaand aan de fair is er druk gewerkt om een aantal nieuwe foto’s te kunnen laten zien. Deze keer wilden wij in hartvorm de liefde voor mens, paard, kermis en feest benadrukken.

De basis harten heeft Truus geregeld, de teksten zijn door Ria erop gezet, met elkaar zijn de foto’s uitgezocht en opgehangen en zowaar 3 grote schermen vol met ontroerende, grappige, liefdevolle, ontdeugende, actieve foto’s.

Het beloofde een warm weekend te worden en op zaterdag was het ook behoorlijk heet , maar gelukkig wisten heel veel mensen het terrein te vinden en zodra we bezig waren met het inrichten van de stand stond men al nieuwsgierig te kijken. Vanaf twee uur ging het officieel van start en we hebben het eigenlijk niet meer rustig gehad. Heel veel leuke reacties, mensen herkenden zichzelf of een familielid. Een knappe dame waarvan wij nog geen naam wisten werd zeer waarschijnlijk herkend door haar zoon, er wordt nog nader onderzoek gedaan d.m.v. andere foto’s die in zijn bezit zijn. We hebben ook nog wat zaken gedaan, een aantal nieuwe leden hebben zich aangemeldt , een aantal inhaal pakketjes van Stompwicc zijn er verkocht en de film over Stompwijk ging ook een keer over de plank. Er zijn wat verhalen toegezegd, iemand heeft zich aangemeldt als vrijwilliger.

Al met al een bijzonder vermoeiende maar leuke dag, de naamsbekendheid wordt steeds groter en we merken dat er veel interesse is bij de Stompwijkers. Dat zorgt er ook voor dat wij met deze relatief kleine groep mensen, met veel enthousiasme proberen zoveel mogelijk foto’s en verhalen te bewaren voor de toekomst. Het gaat misschien niet zo snel als we dat zouden willen, maar we willen het zo goed mogelijk doen. Hebben jullie een verhaal of foto die jullie met de rest van Stompwijk willen delen, neem dan contact met ons op (redactie@oudstompwijk.nl).Voor de paardendagen van volgend jaar zijn wij op zoek naar de kermisfoto’s die altijd gemaakt werden voordat je het veld opliep. Of een andere kermisfoto natuurlijk, alles is welkom !

Hopelijk heeft iedereen een paar fijne dagen gehad, geniet van een zonnige vakantie en duik na de vakantie eens de zolder op of de kast in op zoek naar oude foto’s !

Maandag wasdag

Voor de tijd van wasmachines en goedkope kleding, werd natuurlijk ook tijd gestoken in het reinigen van gedragen kleding. Veel tijd! En meestal één keer per week, op maandag. Met een beetje goede wil en goed weer kon dan het nakomende weekend weer schone, nette kleding worden aangetrokken. De vrouw des huizes was verantwoordelijk en natuurlijk betekende dat keihard werken, want in oude tijden werd natuurlijk met de hand gewassen in teilen en emmers, met wasborden, ieder kledingstuk opgehangen aan de waslijn, er werd gesteven en gestreken. De lakens gingen op de bleek (en dan maar hopen dat er geen grote zwermen vogels over heen vlogen of er zelfs op landden).

Voor de extra smerige was werd gekozen voor de kookwas. Deze spullen werden letterlijk gekookt in een grote wasketel, wat groene zeep of zo erbij en dan even laten borrelen in dat hete water. Maar hoe ging dat in oude tijden? In een tijd vóór geisers en boilers! Wel, uit eigen waarneming, er werd een grote ketel met regenwater gevuld en vervolgens met hout en ander brandbaar materiaal werd dat water aan de kook gebracht. Dat regenwater werd uit een regenput gehaald, bij schrijver dezes werd die regenput gedeeld met de buren.

Die wasketels, vaak te vinden in achterhuizen en schuren, waren uiteraard van ijzer, ik meen zelfs gietijzer, maar ik kan me vergissen. En zij werden geplaatst in een soort oven, heel in de verte een beetje te vergelijken met een bakkersoven. De oven was gemetseld en soms zelfs voorzien van een schoorsteen of afvoerpijp. Helaas zijn die wasfornuizen, toen wasmachines gemeengoed werden, vaak gesloopt. Gelukkig heeft Oud Stompwijk er nog eentje kunnen vinden. Zie hier de wasketel van weleer, maar zeker weten niet meer in gebruik. Met dank aan de fam. Vollebregt!