Maandag wasdag

Voor de tijd van wasmachines en goedkope kleding, werd natuurlijk ook tijd gestoken in het reinigen van gedragen kleding. Veel tijd! En meestal één keer per week, op maandag. Met een beetje goede wil en goed weer kon dan het nakomende weekend weer schone, nette kleding worden aangetrokken. De vrouw des huizes was verantwoordelijk en natuurlijk betekende dat keihard werken, want in oude tijden werd natuurlijk met de hand gewassen in teilen en emmers, met wasborden, ieder kledingstuk opgehangen aan de waslijn, er werd gesteven en gestreken. De lakens gingen op de bleek (en dan maar hopen dat er geen grote zwermen vogels over heen vlogen of er zelfs op landden).

Voor de extra smerige was werd gekozen voor de kookwas. Deze spullen werden letterlijk gekookt in een grote wasketel, wat groene zeep of zo erbij en dan even laten borrelen in dat hete water. Maar hoe ging dat in oude tijden? In een tijd vóór geisers en boilers! Wel, uit eigen waarneming, er werd een grote ketel met regenwater gevuld en vervolgens met hout en ander brandbaar materiaal werd dat water aan de kook gebracht. Dat regenwater werd uit een regenput gehaald, bij schrijver dezes werd die regenput gedeeld met de buren.

Die wasketels, vaak te vinden in achterhuizen en schuren, waren uiteraard van ijzer, ik meen zelfs gietijzer, maar ik kan me vergissen. En zij werden geplaatst in een soort oven, heel in de verte een beetje te vergelijken met een bakkersoven. De oven was gemetseld en soms zelfs voorzien van een schoorsteen of afvoerpijp. Helaas zijn die wasfornuizen, toen wasmachines gemeengoed werden, vaak gesloopt. Gelukkig heeft Oud Stompwijk er nog eentje kunnen vinden. Zie hier de wasketel van weleer, maar zeker weten niet meer in gebruik. Met dank aan de fam. Vollebregt!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.